Home
Zoogdieren
Vogels
Reptielen en AmfibieŽn
Vissen
Insekten en Spinnen
Lagere dieren
Uitgestorven dieren
Diergedrag
Leefgebieden
Bescherming


Zeepaardje
ORDE:
Stekelbaarsachtigen

FAMILIE:
Zeenaalden

GESLACHT & SOORT
Hippocampus

Het zeepaardje is ťťn van de sierlijkste leden van de zeenaalden-familie. Het diertje ziet er uit als een schaakstuk, zwemt rechtop en ontloopt zijn vijanden door de kleuren van waterplanten aan te nemen.

De gracieuze zeepaardjes zweven als het ware door het water van de warmere oceaangebieden. Zij houden zich met behulp van hun rugvin rechtop in het water. Er zijn 35 soorten bekend, van het 2Ĺ cm kleine dwergzeepaardje tot het 25 cm grote Maleisische zeepaardje.
Leefomgeving
Zeepaardjes vindt men gewoonlijk op met zeewier bedekte zeebodems van warm, ondiep water. Veel soorten houden zich op in slikkerige of zanderige gebieden, sommige leven daarentegen liever tussen koralen, sponzen en takken van mangroven. In ieder geval treft men ze aan in de buurt van waterstromingen, omdat ze daar zeker zijn van voldoende plankton dat hun hoofdvoedsel vormt. Om niet door de stroming meegesleurd te worden, slingeren ze hun staart om de stengels van planten. Speciaal voor dit doel is hun staart aangepast om te grijpen.

Voortplanting
Het mannetje heeft de verantwoording voor het broedsel. Tijdens de hofmakerij pronken ze enige dagen met steeds wisselende kleur en maken ze klikkende geluiden door met hun kop te knikken.
Tot slot perst het wijfje haar eieren in de broedbuidel aan de buikzijde van het mannetje. Na bevruchting ontwikkelen zich hierin de eieren. Het mannetje produceert een speciale voedingsvloeistof voor de embryo's. Na de broedtijd verlaten de jongen zwemmend de buidel.

Voedsel en voedingsgewoonte
Zeepaardjes zijn voortdurend aan het eten. Zij voeden zich met plankton en andere kleine zeedieren zoals visjes.
Zeepaardjes kunnen hun ogen onafhankelijk van elkaar bewegen, zodat ze voorbijzwemmende prooidiertjes kunnen beloeren zonder zich door een beweging te hoeven verraden. Zodra een prooi binnen hun bereik komt, happen ze bliksemsnel toe of zuigen ze hen van een afstand van soms drie centimeter op.

Het zeepaardje misleidt zijn vijanden met behulp van zijn lange huiduitsteeksels en de
mogelijkheid van kleur te veranderen, zodat hij nauwelijks opvalt tussen de waterplanten in zijn leefomgeving.

Het zeepaardje en de mens
Zeepaardjes werden lang voor een fabeldier en een curiositeit uit de zeefauna gehouden. Toen er door wetenschappelijk onderzoek meer bekend werd over het fascinerende leven van dit diertje, werd het al snel een fel begeerde aquariumvis.

Het is echter heel moeilijk om het dier buiten zijn natuurlijke leefgebied, in een aquarium in leven te houden.

Korte feitjes
∑ Afgezien van zeekrabben heeft het zeepaardje maar weinig vijanden; hij is te graterig en te slecht verteerbaar.

∑ Aangezien het mannetje belast is met het uitbroeden van de jongen, kan het wijfje direct weer beginnen met het produceren van nieuwe eieren.

∑ Het omgekeerde rollenpatroon leidt ertoe dat bij deze dieren de wijfjes met elkaar wedijveren om de gunst van de mannetjes.


Kenmerken van het zeepaardje
De beweeg-lijke ogen geven het zeepaardje de mogelijk-heid hun prooi roerloos te beloeren.







Om vijanden te ontlopen nemen zee-paardjes de kleur aan van de planten om hen heen.
De afmetingen van zeepaardjes verschillen nogal. In de Golf van Mexico leeft het kleinste, het dwergzeepaardje van maar 2,5 cm grootte, en in de Indische Oceaan het grootste, 25 cm lange Malei-sische zee-paardje.

Het zeepaardje gebruikt zijn rugvin, die ongeveer 35 keer per seconde beweegt om in het water te zweven.

Om door de zeestromingen niet af te drijven, slaat het zee-paardje zijn staart om planten-stengels.

- - -

AFMETINGEN
Lengte: van 2,5 cm voor het dwergzeepaardje uit de Golf van Mexico tot 25 cm voor het grote Maleisische zeepaardje

VOORTPLANTING
Paartijd: in tropische wateren het gehele jaar, in koelere wateren in voorjaar en zomer. De paring geschiedt bij volle maan.
Jongen: komen gewoonlijk na 14 tot 28 dagen uit, afhankelijk van de watertemperatuur
Aantal jongen: ongeveer 50, afhankelijk van de soort

LEEFWIJZE
Gedrag: sociaal
Voedsel: plankton, kreeftjes, kleine vissen en andere kleine zeedieren
Levensverwachting: onbekend

VERWANTE SOORTEN
Nauw verwant zijn de zeenaalden en trompetvissen.

Verspreidingsgebied van het zeepaardje

VERSPREIDING
Langs de kust van IndonesiŽ tot AustraliŽ, de Atlantische kusten van Europa, Afrika en Noord-Amerika. Enkele soorten leven in de Stille Oceaan voor de kust van Noord-Amerika.

SOORTBESCHERMING
Er is weinig bekend over het aantal zeepaartjes, maar kreeftenvissers vangen er soms duizenden bij volle maan, als de diertjes verzamelen om te paren. Kreeftenvissers zijn ook verantwoordelijk voor de verstoring van de zeebodem en de daar aanwezige vegetatie waarin het zeepaardje leeft.

design by Cafť Noir Nieuwe Media